Gebedstips uit de Bijbel

Hoe moeten we dat doen, bidden voor de vervolgde kerk? Het Woord van God is de beste gids om ons te helpen voor onze vervolgde broeders en zusters te bidden. De Bijbel staat vol met aanwijzingen hoe we kunnen bidden voor vervolgde christenen:

  • Dat zij sterk en gegrondvest staan in hun geloof. (1 Pet. 5:8-10)
  • Dat ze niet bang zijn, maar vertrouwen op God. (Op. 2:10)
  • Dat ze geen wraak zoeken, maar het oordeel overgeven aan Hem Die rechtvaardig oordeelt.
  • Dat ze proberen met iedereen in vrede te leven. (Rom. 12:17-21; 1 Pet. 2:23)
  • Dat ze zich verblijden, zelfs in lijden. (1 Pet. 4:12-13)
  • Dat ze degenen die hen vervolgen kunnen liefhebben en vergeven. (Mat. 5:43-44; Luk. 23:24; Kol. 3:13)
  • Dat ze zegenen wie hen hebben vervolgd. (Rom. 12:14,21)
  • Dat hun ogen gericht blijven op Jezus, dat ze volharden in geloof en niet verslappen. (Heb. 10:32-39; Heb.12:1-3)
  • Dat ze erop vertrouwen dat God hen in staat stelt het Evangelie te verkondigen, zelfs in lijden. (2 Tim. 4:16-18)
  • Dat zij niet op zichzelf vertrouwen, maar op Gods kracht. (2 Kor. 1:8-9)
  • Dat degenen die hen vervolgen zich bekeren en gered worden, net als Paulus. (Hand. 9:1-19)
  • Voor de beschikbaarheid van Bijbels en christelijke lectuur in afgelegen gebieden en op plaatsen waar de behoefte groot is. (Psalm 119:42-43)
  • Dat christenen die lijden onder vreselijke lichamelijke pijn en beproevingen door God verlost worden uit hun doodsgevaar. (2 Kor. 1:9-11)
  • Dat lokale leiders van de vervolgde kerk wereldwijd trouw blijven aan de verantwoordelijkheden die ze van God hebben ontvangen. (1 Pet. 5:1-4)
  • Dat wij, die godsdienstvrijheid kennen, begrijpen wat het betekent om mee te lijden met andere leden van het Lichaam van Christus. (1 Kor. 12:26-27)
  • Dat wij als christenen in vrijheid de moed hebben om de stem van vervolgde christenen te zijn en om ons voor hen in te zetten. (Spr. 31:8-9)
  • Dat wij onze broeders en zusters die in gevangenissen zitten en lijden onder vervolging, gedenken en voor hen bidden. (Heb. 13:3)
|