Feedback in de praktijk

feedback

Leidinggeven aan een tienerclub doe je niet alleen, dat doe je samen. Daarom is het belangrijk dat je je bewust bent waar je zelf goed in bent, maar ook waar anderen handig in zijn. Door een goede verdeling van taken die passen bij de juiste persoon, maak je gebruik van de verschillende talenten in het team. Samen sta je sterk.

Wanneer je samen een team bent, ga je op een eerlijke en verbindende manier met elkaar om. Bij een eerlijke manier van omgaan met elkaar hoort opbouwende feedback. Feedback is een Engelse term, die veel gebruikt wordt als het gaat om het vragen van reactie op je eigen functioneren. Wellicht vind je het spannend of zelfs bedreigend, maar toch is het goed om aan je mede-leidinggevende(n) te vragen hoe ze vonden dat het ging tijdens een clubactiviteit.

Wanneer je feedback geeft, is het belangrijk dat je je verplaatst in de ander. Je begint met het noemen van de positieve punten. Probeer concreet gedrag te beschrijven, dingen die je gezien of gehoord hebt. Praat hierover in termen als ‘wat ging goed’ en ‘wat kan beter’. Beschrijf het gedrag vanuit jouw beleving (met een ik-boodschap). Bijvoorbeeld: ‘Ik vind dat je ...’ Vertel erbij wat het met je doet, welk gevoel het je geeft. Beschrijf daarbij ook het effect dat het gedrag op je heeft. Ten slotte kun je tips geven om het gedrag te verbeteren. Zo krijg je samen inzicht en kun je als leidinggevende werken aan je zwakke kanten.

|