Doopgesprek

Dopen

„Volgende week dopen?” Deze vraag werd, zo’n 25 jaar geleden, nog weleens in het voorbijgaan naar de dominee of ouderling geroepen. In sommige gemeenten vond er geen officieel doopgesprek met de ouders plaats. Inmiddels is dat veranderd. Het is fijn dat er voor er gedoopt wordt in de kerkelijke gemeente heel vaak een gesprek plaatsheeft. Menige predikant of een van de andere ambtsdragers besteedt behalve aan het kraambezoek ook tijd aan een apart doopgesprek met ouders die hun kind ten doop willen houden. Als we willen, kunnen we uren praten over de heilige doop. Het valt mij wel op dat ik over de doop weinig inhoudelijke gesprekken hoor. Behalve op de momenten dat er in een gemeente (belijdende) leden zijn die de heilige doop (aan kinderen) ter discussie stellen. Zij willen dan hun kinderen opdragen of pleiten voor de geloofsdoop. Vergis ik me of staan veel gemeenteleden dan met een mond vol tanden?

Het verstaan van de heilige doop is van levensbelang. Verbondsmatig denken past niet meer in onze gefragmentariseerde en ieder-voor-zichcultuur. De NGB artikel 34 leert ons als volgt de waarde en betekenis van dit sacrament: door het sacrament van de doop worden wij geheel aan Hem toegeëigend, we dragen Zijn merk- en veldteken. Bovendien dient het sacrament ons tot een getuigenis dat Hij in eeuwigheid onze God zal zijn, een genadig Vader. De handeling die bij de doop verricht wordt, symboliseert de reiniging: „Gelijk het water de vuiligheid van het lichaam afwast… zo wast het bloed van Christus hetzelfde vanbinnen in de ziel, door de Heilige Geest, ons wederbarende uit kinderen des toorns, tot kinderen Gods.”

Kinderen zijn zegeningen van God. Het maakt altijd weer diepe indruk als jonge ouders daar (voor de eerste keer) voor de doopvont staan. Een kind ontvangt Zijn merk- en veldteken. De gemeente omringt het gezin, samen met de familie en vrienden. Tegelijk zie je de ernst van het leven voor ogen. In het leven valt de beslissing over de eeuwigheid. Van nature dood in zonden en misdaden. En dan zo’n liefdevolle, bereidwillige Zaligmaker. Psalm 78 roept ons allen op om de „loffelijke daden” van de Heere aan de volgende generatie te vertellen. Zijn kracht en Zijn wonderen, die Hij gedaan heeft. Op opvoedingsavonden in de gemeente zijn vaak dezelfde mensen aanwezig. Maar kennis van de heilige doop is voor álle ouders en kinderen noodzakelijk. Ook het Bijbelse onderscheid moet in gezin en kerk besproken worden: onze ”Abrahamspositie” heft onze ”Adamspositie” niet op. Misschien is doopcatechese en/of een ‘apk-doopgesprek’ elke vijf jaar nog niet zo’n gek idee.

|

Laat een reactie achter