We praten veilig of we praten niet

« Terug naar overzicht

We praten veilig of we praten niet

"Meester, doet zo'n zaadlozing pijn?" Nog zie ik zijn trouwhartige ogen voor me, terwijl hij deze vraag stelde in een vol klaslokaal. Een oprechte vraag van een elfjarige, tijdens een les seksuele voorlichting in groep 8. Op zo'n moment schieten drie gedachten door je heen. De eerste is: ‘Wat ben je nog jong'. De tweede is: ‘Blijkbaar is hier zo'n veilige sfeer dat je deze vraag durft stellen, ook al zitten we met 25 jongens en meiden in dit lokaal'. De derde is: ‘Waarom heeft je pa of ma hier nooit met je over gepraat?' Zulke gesprekken komen terug in je gedachten, als je oud-leerlingen drie jaar later tegenkomt. Hand in hand, voor het eerst serieus verkering. Niet meer alleen ‘hoi-doei-dag', maar nu ‘echt'. Er gaat een wereld open. Een ontdekkingsreis die eindigt met een MSN- vraag tussen twee refo-pubervriendinnen: "Hebben jullie het al gedaan?"

Kijk, vijf jaar geleden had ik nu een betoog geschreven over het belang van een ‘open gesprek aan tafel'. Nu hoeft dat niet meer. Sinds onze jongeren open internet op hun laptop of mobiel hebben is dat volledig overbodig. De bus naar school is een geliefde plek om samen porno te kijken. Gezellig, als mannen van veertien onder elkaar. Zodra de thuishaven in zicht komt, wordt de simkaart in een handomdraai verwisseld. Geen haan die er naar kraait. De condooms die schoonmakers vinden in toiletten van reformatorische scholen voor voortgezet onderwijs spreken boekdelen. Hier worden huwelijken gesloten, voor Gods aangezicht. Verbreekbaar in dit leven, maar verbonden tot na de dood. Wij volwassenen schudden ons hoofd. "Tjonge, wat verschrikkelijk. Dat was in onze tijd wel anders." Alsof hartstocht iets nieuws is onder deze zon.

"In onze tijd werd over dit onderwerp niet zo open gepraat" verontschuldigen ouders zich op een thema-avond. "Klopt, maar uw zeven kinderen vond u toch ook niet tussen de boerenkool?" Hoe dan ook, we hebben anno 2012 de oplossing gevonden. We geven onze tieners een boekje, ‘Kijk, dat ben ik'. Het bevat het best bewaarde geheim van generaties. 's Avonds ligt het plotsklaps klaar op het kussen, een spannend moment voor ouder en kind. "Als je vragen hebt, dan hoor ik het wel. Welterusten!" Inderdaad, slaap lekker ouders. Laat de volgende generatie het ook maar zelf uitzoeken. Met alle onherstelbare gevolgen van dien. Wie deze pijn proeft, kan niet anders dan over eigen angst en schaamte heenstappen. In liefdevolle verbinding, het zwijgen voorbij.

Steven Middelkoop, jeugdwerkadviseur HHJO
Deze column verscheen eerder in het Reformatorisch Dagblad

|